Mag of moet een toezichthouder waarschuwen voor risico’s?

5 Sep

Een toezichthouder moet een “lerende, spiegelende en reflexieve rol” vervullen, zegt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. “Juist in nog onbekende, ‘niet-geregelde’  risico’s zit de kunst en uitdaging”, aldus voorzitter Knottnerus in een voordracht van 2012. 

Het rapport “Toezien op publieke belangen” is nog niet gepubliceerd, maar WRR-voorzitter Knottnerus lichtte al eerder enkele tipjes van de sluier. Als de schijn niet bedriegt, gaat de WRR een positie innemen in de discussie over de verantwoordelijkheid van toezichthouders: mogen of moeten zij waarschuwen of gaan ze dan hun boekje te buiten?

Knottnerus constateerde in een speech in 2012 dat het “tot nu toe dominante hierachische model” wordt gekenmerkt door een strakke bevoegdheid- en taakverdeling en door formele controle- en verantwoordingsmechanismen:  

“Het toezicht vervult binnen dit model een uitvoerende en handhavende functie binnen een strak omlijnde taakopdracht. De minister is eindverantwoordelijk, ook voor de uitvoering van het toezicht. De toezichthouder speelt binnen dit model een dienstbare rol, beperkt zich tot uitvoering en handhaving en levert niet of nauwelijks (feedback) bij de agendering, voorbereiding, besluitvorming en evaluatie van het beleid.

Het adviescollege noemt zo’n beperkte taakopvatting een “gemiste kans”:

De WRR wil verder gaan en toezichthouders ook een meer lerende, spiegelende, en reflexieve rol laten vervullen. Daarvoor zijn in de wereld van het toezicht ook al aanzetten te vinden, zoals de ‘staat van de sectorrapportages’ van de Inspectie van het Onderwijs en de IGZ. Een goed voorbeeld zijn ook de openbare wetgevingsbrieven van DNB en de AFM.

De WRR spreekt van “reflexief toezicht”:

Juist toezichthouders zijn in staat om vroegtijdig problemen te signaleren en weak signals op te vangen als publieke belangen in het geding zijn. Ze kunnen ook problemen nader articuleren, door onderzoek te doen en het publiek debat daarover te stimuleren. Zulk reflexief toezicht past ook uitstekend bij de centrale positie die toezichthouders innemen.

Een toezichthouder is een belangrijke maar niet de enige actor:

De reflexieve toezichthouder kan dus ook optreden als een ‘system steward’ wiens verantwoordelijkheid verder reikt dan controle op afwijkingen van de bestaande wet- en regelgeving. Dit betekent niet dat de toezichthouder de enige actor is die kan optreden als system steward. Maar door zijn bijzondere positionering tussen het regulerende systeem aan de ‘voorkant’ en het onder toezicht gestelde systeem aan de ‘achterkant’ is hij bij uitstek geschikt voor deze rol. Een rol die uiteindelijk weer ingekaderd wordt door de alomvattende systeemverantwoordelijkheid van het politiek bestuur en door parlementaire controle.

Bij de verantwoordelijkheid van toezicht gelden condities:

Een basale voorwaarde hierbij is uiteraard de onpartijdigheid en onafhankelijkheid van de toezichthouder, ten opzichte van zowel het belanghebbende veld als de politiek-bestuurlijke hiërarchie. Hier spelen ingewikkelde vragen ten aanzien van het tegengaan van regulatory capture en de wijze van invulling van de ministeriële verantwoordelijkheid, en over de publieke verantwoording van het toezicht.

Reacties

Wil je reageren, dan kan dat hier of via LinkedIn. Moet een toezichthouder een “reflexieve’ rol vervullen of zich beperken tot uitvoering en handhaving?

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: