Archief | mei, 2014

Kabinet: meer ruimte voor doorberekening handhavingskosten

31 Mei

Het kabinet ziet meer mogelijkheden om bedrijven en burgers te laten betalen voor handhaving. Dit blijkt uit het rapport Maat houden 2014, een “rijksbreed kader” voor de doorberekening van kosten van toezicht en handhaving.

Schermafbeelding 2014-06-02 om 10.25.29Het algemene uitgangspunt blijft dat handhaving van wet- en regelgeving in beginsel uit de algemene middelen moet worden gefinancierd. Er zijn uitzonderingen mogelijk, bijvoorbeeld als individuen of groepen profijt hebben van toezicht en handhaving (profijtbeginsel). Volgens het kabinet is er “systeemprofijt” als handhavingsactiviteiten nodig zijn voor het vertrouwen in de kwaliteit van producten of dienstverlening in een sector. De rekening kan ook worden neergelegd bij degenen die de overheid noodzaken tot meer dan regulier toezicht (‘veroorzaker betaalt’-beginsel).

Het rapport Maat houden 2014 vervangt de uitgangspunten van het kabinetsstandpunt “Maat houden” uit 1996. Een ambtelijke werkgroep hield die uitgangspunten tegen het licht en constateert bijvoorbeeld dat het doorberekenen van kosten van repressieve handhaving destijds als onwenselijk werd beschouwd. Nu wordt er meer ruimte gezien om burgers en bedrijven aan te slaan voor deze activiteiten, die worden verricht na een redelijk vermoeden van een overtreding en die bijvoorbeeld leiden tot een proces-verbaal of een boete.

Het rapport zegt niet precies wanneer kosten wel en niet kunnen worden doorberekend. En als het kan, hoeft het niet per se. De wetgever zou wel telkens moeten motiveren waarom welke keuze wordt gemaakt.

Niet alle activiteiten komen in aanmerking voor doorberekening, volgens de werkgroep. Er moet voldoende verband zijn met  de wettelijke handhavingsactiviteiten. Dat verband is volgens het rapport “niet zonder meer evident” bij marktanalyses en adviezen voor de minister.

Als gekozen wordt voor doorberekening, gelden bijzondere eisen. Zo moet dan volgens de werkgroep worden bekeken of waarborgen nodig zijn “om een ongebreidelde groei van de begroting van de toezichthouder te voorkomen”.

Advertenties

OESO publiceert 11 principes over toezicht en inspectie

28 Mei

De OESO heeft “Best Practice Principles” gepubliceerd over toezicht en inspectie. In het rapport “Regulatory Enforcement and Inspections” geeft de internationale organisatie informele guidance over beleid, organisatie en instrumenten.

Schermafbeelding 2014-05-28 om 21.55.33De 11 principes zijn:

  1. Evidence-based enforcement
  2. Selectivity
  3. Risk focus and proportionality
  4. Responsive regulation
  5. Long-term vision
  6. Co-ordination and consolidation
  7. Transparent governance
  8. Information integration
  9. Clear and fair process
  10. Compliance promotion
  11. Professionalism

Lees hier het gehele rapport van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling.

WRR: extern toezien op interne checks & balances semi-publieke sector

27 Mei

Externe toezichthouders moeten erop toezien dat instellingen in de semi-publieke sector hun interne checks and balances goed op orde hebben. Dit schrijft de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid in het adviesrapport “Van tweeluik naar driehoeken. Versterking van interne checks and balances bij semipublieke organisaties“. “Externe toezichthouders kunnen de druk opvoeren door criteria voor interne checks and balances op te nemen in hun toezichtkaders en instellingen daarop te beoordelen.”

De WRR pleit voor “een reflectieve rol” voor externe toezichthouders, die ook zelf zijn gebaat bij een goed functionerend intern stelsel van checks and balances. “Het neemt hen veel werk uit handen en kan een tijdige en relevante bron van informatie over mogelijke misstanden zijn.”

Kaders

De formele toezichtkaders van inspecties gaan tot nu toe niet of nauwelijks in op de interne checks and balances van instellingen, constateert de WRR, die ook weet dat hierover wel intern wordt nagedacht.

“Naast de prestaties, de normnaleving en de (financiële) risico’s zouden inspecties de instellingen moeten aanspreken op de kwaliteit van de interne checks and balances. Dat kan door in het toezichtkader criteria vast te leggen voor effectieve en passende interne checks and balances en instellingen daarop te laten visiteren of beoordelen (instellingsaudit). Dit past bij een governance- benadering van toezicht, zoals is uitgewerkt in het eerdere wrr-rapport over overheidstoezicht . Daarnaast kunnen toezichthouders vanuit hun reflectieve rol ook aandacht besteden aan de kwaliteit van de interne checks and balances bij hun probleemanalyses in hun jaarlijkse staat van de sector of in hun thematische onderzoeken.”

De WRR beveelt externe toeizchthouders aan om de voortgang van instellingen en sectoren bij het versterken van de interne checks and balances te monitoren. Bij onvoldoende voortgang dienen zij criteria voor effectieve en passende interne checks and balances in het toezichtkader op te nemen en de instellingen daarop te beoordelen.

Kabinet wil meer aandacht voor nalevingskosten van Europese regels

8 Mei

Het Nederlandse kabinet wil niet alleen de administratieve lasten maar ook de nalevingskosten van Europese regels terugdringen. Dit zeiden minister-president Rutte en minister Kamp woensdag tijdens de conferentie “Smart EU Regulation, Better Business” in Den Haag.

foto-19

Minister-president Mark Rutte sluit de conferentie af

Minister Kamp van Economische Zaken pleitte voor een permanente Europese waakhond die regeldruk voor bedrijven en burgers toetst en voorkomt. De oprichting van zo’n nieuwe instantie zal in oktober ook onderdeel uitmaken van het advies van de Europese High Level Group on Administrative Burdens onder leiding van Edmund Stoiber.

Nieuwe aanpak

Stoiber pleitte in Den Haag voor een “nieuwe aanpak” in de aanpak van regeldruk. “We kunnen niet terug naar de deregulering van Thatcher. Dat zou niet werken.”

Volgens Stoiber moeten lidstaten zelf meer ambitie tonen en niet alleen lippendienst bewijzen.. Niet alleen kunnen landen zelf Europese regels efficiënter omzetten in hun nationale regimes, maar ook moeten zij bij hun – nachtelijke – compromissen meer aandacht besteden aan de lasten die de afgesproken regels zullen veroorzaken.

Ook Marianne Kingbell, plaatsvervangend secretaris-generaal van de Europese Commissie, wees op de verantwoordelijkheid van lidstaten om input te geven voor de beoordeling van compliance costs.

Voorzitter Bernard Wientjes van VNO-NCW wees erop dat veel regels er zijn omdat “politici streven aar een risicoloze maatschappij”. De werkgeversvoorzitter stak ook de hand in eigen boezem. Het bedrijfsleven zou veel eerder moeten aangeven welke lasten nieuwe regels hen zullen berokkenen.

Target

Ook op Europees niveau moet er een target komen voor de reductie van de regeldruk, zei Jan ten Hoopen, voorzitter van het Actal, het Nederlandse adviescollege toetsing regeldruk. In het Nederlandse regeerakkoord is afgesproken dat de lasten in deze kabinetsperiode met 2,5 miljard moeten worden verminderd. Zo’n doelstelling heeft volgens Ten Hoopen een “disciplinerende kracht”.

Volgens minister-president Mark Rutte moet “het nieuwe Europa” zich meer richten op kerntaken, waardoor er ook minder aanleiding is voor nieuwe regels. Hij waarschuwde dat de aanpak van regeldruk niet gedelegeerd kan worden aan specialisten. “Alleen in gezamenlijkheid kunnen we dit monster killen.”

Lees hier het nieuwsbericht van het ministerie van Economische Zaken.

Lees hier de speech van minister Kamp.

Lees hier de speech van minister-president Rutte.

Diner Pensant: “Toezicht is als een relatie”

6 Mei

Natuurlijk kwamen ook de te hooggespannen verwachtingen van publiek en politiek te sprake, maar het draaide tijdens het Diner Pensant van de ToezichtTafel toch vooral om de vraag hoe het toezicht zelf beter zou kunnen. “Toezicht is als een relatie; je moet er aan blijven werken. Het is nooit af.”

20140506-094002.jpgDe zestien deelnemers, van binnen en buiten het toezicht, bespraken op 23 april wat er in een derde kaderstellende overheidsvisie op toezicht zou moeten staan. Het werd een gesprek over verwachtingen, over positioneren en over functioneren van toezicht.

“Vertrouwen is uit, dat woord doet het niet meer”, zei een van de deelnemers, die de discussie voerden op basis van de zogenaamde Chatham Rules. Mensen redeneren vanuit de vraag: “What is in it for me?”

“Een burger is een calculerende burger en neemt bewust bepaalde risico’s. Toezicht moet er toe leiden dat burgers zijn beschermd tegen “onbezonnen” acties.”

Overheidstoezicht moet de elementaire veiligheid waarborgen, de aard en de mate waarin wordt bepaald door de mate waarin een burger een eigen zelfstandige afweging kan maken om een product of dienst af te nemen.

“Toezicht heeft altijd te maken met een frictie tussen wat de maatschappij verwacht en de overheid kan waarmaken.”

En er is een paradox:

“We accepteren niet meer dat we doodgaan en we willen dat de overheid daarvoor zorgt maar die mag zich niet met ons bemoeien.”

Ruimte

Een toezichthouder moet waar mogelijk ruimte geven. Maar wanneer is dat mogelijk? Waar een gemeenschappelijk belang wordt gedeeld door overheid, bedrijf en klant, is zelfregulering werkbaar. Dan is minder toezicht nodig. Maar toezichthouders zien hier ook een spanningsveld: zijn bedrijven in staat en bereid om elkaar de maat te nemen?

Zondebok

Een toezichthouder is de zondebok als dat zo uitkomt, maar moet vooral niet de rol van slachtoffer spelen. Zij moeten inzetten op versterking van hun kennis en vakmanschap, juist nu er, door bezuinigingen, meer generalisten dan specialisten actief lijken te zijn.

Geloofwaardig

Een toezichthouder moet vooral ook geloofwaardig zijn en “enigszins voorspelbaar”. Burgers en bedrijven onder toezicht moeten je doel kennen. En ze moeten de tijd krijgen om daar te komen.

“Toezichthouder, objectiveer je subjectieve criteria: leg uit wat goed is (en wat niet), in ieder geval zodra je het weet.”

Positie

De onafhankelijkheid van toezicht zit meer in personen dan in structuren. “Toezichthouders moeten eigenwijze bestuurders hebben.” Zij moeten bij voorkeur niet uit een ministerie komen. Benoemingen via de Algemene Bestuursdienst kunnen ervoor zorgen dat de top van inspecties “uniform gericht” zijn op de politiek. Ook aan de ToezichtTafel klonk het pleidooi om de positie van de inspecteur-generaal wettelijk te verankeren.

Verleiding

Een toezichthouder moet ook de verleiding weerstaan om gemakkelijk te scoren: “Ga niet te snel mee met de pers”. Je dient altijd een verdedigbaar verhaal te hebben: een heldere risico-analyse, duidelijke afwegingen. Wat doe je wel, wat doe je niet?

“Goed toezicht houden is tegen de stroom van belangen in roeien. In sommige gevallen is het belangrijk een case te maken, ook al krijg je de hele wereld over je heen.”

20140506-090735.jpg

%d bloggers liken dit: