Archief | mei, 2015

Advies: waarborgen nodig voor positie van inspecteur-generaal

26 Mei

Om een duidelijke positie van de inspecteur-generaal te waarborgen dient er een “statuut” te komen. Dit schrijven Philip Eijlander en Ferdinand Mertens in een advies aan de Inspectieraad.

De Inspectieraad noemt het advies “een bijdrage aan het debat over de positionering van de rijksinspecties dat op dit moment binnen de rijksdienst wordt gevoerd”. Het kabinet kondigde eerder aan zelf met spelregels te komen voor rijksinspecties.

De hoogleraren vinden dat het Statuut de status zou moeten krijgen van een ‘Aanwijzing voor de Rijksdienst’, vergelijkbaar met de aanwijzing voor planbureaus.

Ongelijksoortig

Eijlander en Mertens constateren dat de organisatie van het toezicht in de ministeries tot op de dag van vandaag “uiteenlopend” is. Ook de positie van een inspecteur-generaal is per ministerie verschillend. Dit leidt in het Inspectieraad tot “een ongelijksoortige verzameling organisaties”.

Het advies bevat daarom “bouwstenen”  om de “eigenstandigheid” van de inspecteur-generaal te waarborgen. Van “onafhankelijkheid” is geen sprake, aangezien de rijksinspecties onder ministeriele verantwoordelijkheid vallen. De aanwijzing zou duidelijkheid moeten geven over zowel de positionering als het functioneren van de IG’s.

Prudent

De schrijvers vinden het voor het gezag van toezichthouders een “prudente omgang” met de media van belang. “Prudent betekent hier sober in frequentie – de IG blijft een schaars goed- strak in de uitdrukkingswijze wanneer het gaat om het redeneerpatroon.”

Een inspecteur-generaal zou zich moeten onthouden van oordelen over de richting van het beleid, maar zich vooral dienen te richten op feiten. De toezichthouder zou niet uitsluitend bij incidenten en dus defensief, maar een proactieve en agenderende bijdrage moeten leveren.

Lees hier het advies De positie van de Inspecteur-Generaal in de Rijksdienst.

Advertenties
%d bloggers liken dit: