Archief | september, 2016

Tweede Kamer wil praten over inspecties

22 Sep

De inspecties komen weer op de agenda van de Tweede Kamer. Dit naar aanleiding van uitspraken van oud-voorzitter Van Vollenhoven en huidig voorzitter Joustra van de Onderzoeksraad voor Veiligheid.

Stientje van Veldhoven (D66) nam het initiatief om de twee uit te nodigen voor een gesprek over inspecties. Daarnaast heeft de Tweede Kamer besloten tot een debat  met de ministers van I&M en SZW. In dat debat staat de veiligheid van werknemers en van omwonenden centraal.

Link naar stenogram: https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/plenaire_verslagen/detail?vj=2016-2017&nr=2&version=2

 

Raad van State: kosten van toezicht nooit helemaal doorberekenen

7 Sep

Doorberekening van kosten van toezicht moet een uitzondering blijven, vindt de Raad van State. Er moet altijd een deel uit de algemene middelen worden betaald. Dit antwoordt het adviescollege op vragen van de Tweede Kamer

De Raad van State constateert dat ook het kabinet in Maat houden 2014 kiest voor het uitgangspunt

“dat de kosten van toezicht op de naleving in beginsel uit de algemene middelen moeten worden voldaan, omdat wetgeving steeds wordt opgesteld vanuit een algemeen belang en de handhaving ervan dus ook een algemeen belang dient.”

Het kabinet houdt zich niet aan de eigen uitgangspunten, aldus de Raad. Bij de ACM wordt teveel doorberekend aan het bedrijfsleven, bij de NVWA valt niet te beoordelen of de uitgangspunten zijn gevolgd.  De Tweede Kamer vroeg overigens niet naar het regime in het financieel toezicht, waar de kosten nu volledig worden doorberekend aan de sector.

De Raad van State redeneert vanuit het algemeen belang van toezicht:

“Toezicht is niet in de eerste plaats van belang voor het individu of voor de groep, maar voor de maatschappij als geheel. Toezicht wordt ook uitgeoefend als er niet om wordt gevraagd.”

Dat wil niet zeggen dat kosten nooit kunnen worden doorberekend:

“Op zichzelf levert het feit dat toezicht op de naleving aan een ieder ten goede komt, immers geen dwingende reden op om de kosten ervan volledig ten laste van de algemene middelen te brengen.

De redenering van de Raad van State (afdeling Advisering):

“Bekostiging uit de algemene middelen is uitgangpunt, omdat toezicht op de naleving een overheidstaak is. Indien er aanleiding is om kosten van het toezicht door te berekenen, dan is het van belang deze zodanig vorm te geven dat het ‘tenzij’ een uitzondering blijft op de hoofdregel. Dit betekent dat in elk geval een deel van de toezichtkosten uit de algemene middelen moet worden betaald. Daarmee wordt invulling gegeven aan het uitgangspunt. Welk deel van de kosten wel en welk deel niet wordt doorberekend en welke kosten dit betreft, is in abstracto een moeilijk te beantwoorden vraag. Dit is uiteindelijk een politieke keuze. In essentie gaat het om de vraag naar de aard en omvang van het toezicht dat de overheid wenst en welke prijs zij bereid is daarvoor te betalen. Vervolgens is het van belang dat de overheid zich aan die keuze houdt. De Afdeling merkt daarbij op dat het niet de bedoeling is dat met de doorberekening van toezichtkosten louter begrotingsdoelen worden nagestreefd.”

Lees hier de volledige “voorlichting” van de Raad van State .

 

Tuchtrechter eist kenbare waarborgen bij risicogestuurd toezicht

1 Sep

Toezichthouders moeten duidelijk maken wanneer en hoe zij risicogestuurd toezicht uitoefenen. Dit blijkt uit twee uitspraken van de hoogste tuchtrechter voor de advocatuur. De beslissingen kunnen ook interessant voor andere sectoren met risicogestuurd toezicht.

In de twee beoordeelde gevallen paste een deken als toezichthouder risicogestuurd toezicht toe. Over de waarborgen met betrekking tot dit specifieke toezicht was volgens het Hof van Discipline “onvoldoende informatie” beschikbaar. Daarmee was het toezicht “niet kenbaar” met voldoende waarborgen omkleed.

“De deken heeft ter zitting verklaard dat tot dit toezicht en de criteria daarvoor besloten is in het landelijk dekenberaad, maar de notulen van dit beraad zijn niet openbaar te raadplegen, zodat de aan de keuze voor déze criteria ten grondslag liggende overwegingen niet bekend zijn.”

Het Hof van Discipline constateert dat er geen protocol was en dat de procedure niet duidelijk was. Ook was niet duidelijk hoe verschillende dekens hiermee omgaan. 

“Daarmee kan in deze tuchtzaak niet worden vastgesteld dat dit toezicht voldoet aan de vereisten van consistentie en zichtbaarheid en aan het gelijkheids- en het zorgvuldigheidsbeginsel.”

De twee uitspraken kunnen en mogen aanleiding zijn voor reflectie bij andere toezichthouders. Zijn er voldoende waarborgen bij risicogestuurd toezicht? En zijn die waarborgen voldoende kenbaar?

Lees hier het artikel op Advocatie, met links naar de twee uitspraken van het Hof van Discipline.
Paul van Dijk

 

%d bloggers liken dit: