Toezichthouders moeten zelf initiatief nemen in discussie over buitenwettelijk toezichtí

10 Jan

Twee promovendi hebben het met elkaar aan de stok gekregen over buitenwettelijk toezicht. Frank ’t Hart stelde onlangs in zijn proefschrift dat toezichthouders terughoudend moeten zijn met toezicht op onwenselijk maar legaal gedrag Aute Kasdorp belicht in een opinieartikel in het FD de andere kant van de medaille.

“Van een moderne toezichthouder verwachten we dat hij niet alleen handhaaft, maar ook helpt actuele maatschappelijke problemen in zijn domein aan te pakken, zoals de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid al in 2013 constateerde. Ook verwachten we dat hij zich daarbij niet altijd verschuilt achter een tekortschietende wet. Soms zal dat betekenen: de mensen waarschuwen. Soms betekent het: de wetgever een duw geven en soms betekent het een bank een duw geven.”

Kasdorp, die werkt aan een proefschrift over buitenwettelijk toezicht, tekent daarbij wel aan dat toezichthouders transparanter moeten worden over hun buitenwettelijke activiteiten. Ook moeten ze grenzen in acht nemen. Hij suggereert een “bredere dialoog” over buitenwettelijk toezicht. De AFM moet zich bijvoorbeeld niet opstellen als “het orakel aan de Vijzelgracht”

Paul Fentrop schrijft op dezelfde dag in hetzelfde FD:

“De scheiding van moraliteit en overheid (kerk en staat) zit in de Nederlandse cultuur niet ingebakken. Daarom moeten we blijven herhalen: wat niet mag, bepaalt de wet en handhaaft de overheid. Wat wenselijk is, bepalen mensen zelf. Die kalibreren de wet met hun eigen moreel kompas, maar kunnen een ander daarmee niet sturen.”

De discussie dient voor toezichthouders een teken aan de wand te zijn: er is werk aan de winkel. De standpunten van ’t Hart en Fentrop laten zien dat “buitenwettelijk toezicht” tenminste omstreden is. De redenering van Kasdorp biedt een uitweg: een bredere discussie over wat we wel en niet van toezichthouders (mogen) verwachten.

Toezichthouders doen er verstandig aan om zelf het heft in handen te nemen en de dialoog te starten. Zij kunnen zelf transparanter worden, zelf grenzen stellen, zelf werken aan draagvlak voor hun aanpak. Doen zij dat niet, dan zullen rechter en politiek in de verleiding komen om te normeren. Er ligt een schone taak voor de Inspectieraad en het Markttoezichthoudersberaad…

Paul van Dijk

Advertenties

Eén reactie to “Toezichthouders moeten zelf initiatief nemen in discussie over buitenwettelijk toezichtí”

  1. Aute Kasdorp 10 januari 2018 bij 10:02 #

    Prima idee om bij de Inspectieraad en het Markttoezichthoudersberaad het gesprek te beginnen, maar laten we daarna uiteraard niet in de valkuil stappen dat wij (‘toezichtmensen’) aan alle andere stakeholders (politiek, bedrijfsleven, andere professionals, publiek) gaan uitleggen wat een goeie manier is om hiermee om te gaan. Het moet wel een echt gesprek zijn met deze stakeholders dat ook wezenlijk invloed uitoefent op hoe we omgaan met buitenwettelijk toezicht, anders helpen we onszelf qua geloofwaardigheid van de regen in de drup.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: