Archief | maart, 2018

In 8 stappen naar toezicht met maatschappelijke waarde

19 Mrt

Welke toezichtstrategie draagt bij aan kwaliteit en veiligheid van zorg? Om deze vraag te beantwoorden introduceerde prof. dr. Ian Leistikow een model dat een brug moet slaan tussen wetenschappelijke inzichten over toezicht en de praktische werkelijkheid van inspecteurs.

Leistikow sprak vrijdag zijn inaugurale rede uit als bijzonder hoogleraar ‘Overheidstoezicht op Kwaliteit en Veiligheid van de Gezondheidszorg’. Het model bestaat uit acht stappen:

  1. Missie
    Expliciet maken van het bestaansrecht van de toezichthouder.
  2. Risico/probleem
    Afbakenen van het risico of het probleem dat aandacht behoeft.
  3. Adressant
    Bepalen wie door de toezichthouder kan worden aangesproken.
  4. Gewenst gedrag
    Bepalen welk gedrag van deze actor gewenst is om het risico of probleem te verminderen.
  5. Doel
    Scherp krijgen welk uiteindelijke doel met het gewenste gedrag bereikt moet worden.
  6. Interventie
    Ontwerpen en toepassen van een interventie om dit gedrag te bewerkstelligen.
  7. Effect
    Vaststellen van de gevolgen van de interventie.
  8. Communicatie
    Verspreiden van de uitkomsten en geleerde lessen.

Leistikow onderscheidt vier perspectieven bij het bepalen van de maatschappelijke waarde: het patiëntenperspectief, het perspectief van de professional, het politiek perspectief en het perspectief van het publiek. Het geïntroduceerde model moet de inspectie helpen om deze waarde te creëren. “Hoe kan de inspectie kiezen waar zij zich op richt, en waar dus niet op, welke interventies e ectief zullen zijn, hoe zij de consequenties van haar keuzes kan evalueren en hoe zij zich publiekelijk hierover kan verantwoorden?”

Prof. dr. Ian Leistikow, The Proof of the pudding, De waarde van overheidstoezicht op kwaliteit en veiligheid van de gezondheidszorg. De oratie staat hier online.

Advertenties

“Toolkit OECD als vertrekpunt voor dialoog over toezicht”

14 Mrt

De nieuwe Toolkit van de OECD biedt een goed vertrekpunt om reguleringssystemen en toezichthouders te beoordelen en met elkaar te vergelijken, over grenzen van landen en sectoren heen. Dit schrijven Paul van Dijk, Mindert Mulder en Rob Velders in reactie op de “Draft OECD Enforcement and Inspections Toolkit”. De consultants pleiten voor de ontwikkeling van een “Regulatory Dialogue”.

De checklist van de OECD is gebaseerd op de Best Practice Principles for Regulatory Enforcement and Inspections uit 2014. Twaalf criteria zijn uitgewerkt in 48 sub-criteria. Ook worden indicaties gegeven om aan te tonen dat aan de criteria wordt voldaan. De Toolkit moet helpen om sterktes en zwaktes van een toezichthouder of van een handhavingsregime in beeld te brengen.

De Nederlandse consultants stellen voor nu vooral aandacht te besteden aan de implementatie, meer dan aan de precieze formuleringen van de criteria. Innovaties zijn nodig en mogelijk. Zo kan een “regulatory scorecard” of een “regulatory dashboard” bijdragen aan de bruikbaarheid van de toolkit.

Bij de toepassing van de Toolkit mag het niet alleen gaan om vinkjes zetten. In plaats daarvan moet worden gezocht naar nieuwe vormen. De Toolkit kan de basis vormen voor een “Regulatory Dialogue”, waarbij verschillende belanghebbenden aan het woord kunnen komen.

Lees hier de reactie de reactie van Van Dijk, Mulders en Velders: Towards a Regulatory Dialogue, Comments Draft OECD Enforcement and Inspections Toolkit (PD-MM-RV)

Zie hier de voorlopige Toolkit: Draft OECD Enforcement and Inspections Toolkit.

%d bloggers liken dit: