Gezond wantrouwen

Tot vrij recent werden inspecteurs opgeleid om toezicht te houden vanuit “gezond wantrouwen.” Want, “als iedereen te vertrouwen is, dan zijn wij niet nodig.” Het klopt dat als iedereen te vertrouwen is – vanzelf doet wat regels voorschrijven – inspecteurs overbodig zijn; net als regels. De regels komen omdat niet iedereen vanzelf de publieke belangen borgt. De denkfout is om dan maar iedereen te wantrouwen.

Want de basishouding van de inspecteur maakt uit. Als een goedwillende onder-toezicht-staande wantrouwen ervaart, dan wordt haar intrinsieke motivatie verdreven met dalende naleving. Als inspecteurs  hun oordeel opschorten en scherp kijken in hoeverre wordt nageleefd, dan is de onder-toezicht-staande meer bereid informatie te geven. Als de naleving slecht is, zeker als dit bewust gebeurt, dan is wantrouwen gepast. Deze responsieve benadering leidt op lange termijn tot betere naleving, want vertrouwen speelt een cruciale rol in toezicht.

Verder lezen:

Met dank aan dr F.E. Six MBA, f.e.six@vu.nl

Laatste update: 26-12-2020

Ben je het niet eens met iets in deze beschrijving, is het niet meer up-to-date of heb je een aanvulling of werkt een link niet? Stuur ons dan even een mailtje. Dan kijken we er even naar en kunnen we het eventueel aanpassen. Alvast bedankt voor de moeite!